Bor terecht niet toegepast verhuur dienstbaar deel vastgoedportefeuille

BOR terecht niet toegepast op aan verhuur dienstbaar deel vastgoedportefeuille.

Aan de orde is de toepassing van de Bor ter zake de schenking van aandelen in een vennootschap die zich bezighoudt met ontwikkeling, bouw en verhuur van vastgoed.

De rechter oordeelt dat, als het gaat om de verhuur, er in casu geen sprake is van een materiële onderneming. Dat zeven werknemers zich actief bezighouden met het vermarkten en verhuren van vastgoed is – zonder nadere onderbouwing – niet voldoende, zodat niet kan worden vastgesteld of de aard en omvang daarvan normaal vermogensbeheer te buiten gaat. De enkele stelling dat de verhuur nauw samenhangt met bouw- en projectontwikkeling voldoet daartoe ook niet.

Interessanter is volgens auteur of de Bor ook geldt voor de onroerende zaken die wél tot het ondernemingsvermogen van de vennootschap behoren, maar die niet gedurende 5 jaar in haar bezit zijn geweest. De rechter vindt van niet.

Auteur is het met de rechter oneens. Hij is van mening dat ondernemingsvermogen naar haar aard dynamisch is en dat het oordeel van de rechter strijdig is met de systematiek van de Bor. Of de Bor van toepassing is, is afhankelijk van de activiteiten- en vermogenstoets. De bezitstermijn ziet op ondernemingsactiviteiten en niet op ondernemingsvermogen. Van belang is of de vennootschap gedurende de volledige bezitstermijn een onderneming heeft gedreven. Aan de omvang van het ondernemingsvermogen worden geen eisen gesteld, aldus auteur.

Ter Braak Willems is een notariskantoor dat met u meedenkt. Wij adviseren u over uw juridische vraagstukken.